hoe schrijf ik een cv? les 2

SNEL EN EFFICIENT EEN NIEUWE JOB

Positieve en negatieve eigenschappen voor een cv. Die ben ik dus op een rijtje aan het zetten. Positief aan mezelf vind ik dat ik heel hard kan werken met volle inzet. Met betrokkenheid, alsof het bedrijf waar ik werk van mezelf is. Ik ben degene die na het werk een blokje omrijdt om het bedrijf een koerier te besparen. Dat type. Ik vraag me nu sinds een paar weken af of dit wel een positief punt is. Ik twijfel of dit een goede eigenschap is. Of ik ze toch niet beter in de kolom “minpunten” zou zetten.

Er valt me namelijk iets op. Al een aantal jaren eigenlijk, het is enkel fel toegenomen de laatste tijd. Misschien kan ik stellen dat het begonnen is met Big Brother. Tot een aantal weken geleden geloofde ik nog dat de media er doelbewust op aansturen en een misvormd beeld creeëren. Dat ze programma’s in een bepaalde richting manipuleren omdat dat goed is voor de kijkcijfers. Door mijn ervaringen van de laatste weken moet ik echter misschien toch vaststellen dat het geen “beeld” is in de media. Maar keiharde realiteit. De norm in het dagelijks economisch leven.

Inzet en hard werk loont niet.

Gelul, kletskoek verkopen, in het lang en het breed uitleggen, slijmen. Dat loont. Nitwits met grote monden en lef die zichzelf goed kunnen verkopen (wat vanzelfsprekend een groot talent is in onze maatschappij waar economische waarden belangrijker zijn dan ethische) worden opgehemeld en bejubeld. Winnen. Krijgen aandacht. Zijn de publiekslievelingen in de media. Worden door jury’s geprezen. Winnaars.

Twee voorbeelden.

De Italiaanse droom. Piet is de hardste werker én de enige vakman. Zeurt en grommelt wat, inderdaad, net omdat het niet goed gaat en hij geen hulp krijgt. Nét daarom wordt hij afgestraft. Dat is namelijk niet sympathiek. Tony, zij vrouw, heeft haar looks niet mee en komt ook nogal nors over. Het koppel is de vijftig gepasseerd. Aan winnaarskant staat een goed-ogende en rad van tong zijnde (dat ben ik nu zelf ook wel maar blijkbaar altijd om de foute dingen te zeggen) jonge dame met haar even blitze vlotte man. Zij verzorgt de “planning” van de werken, en als ze haar handen al eens vuil maakt zijn het enkel haar vingertoppen. Delegeert. Priet praat. Haar man heeft een onbestemde functie en kan het vooral ook bijzonder goed uitleggen en “uitpraten”. Vlotjes en leuk.

In ” Mijn restaurant” idem dito. Drie échte koks in het programma. Twee daarvan staan op het punt af te vallen. Te verliezen. De enige twee die wel zélf staan te zweten in hun keuken, die de handen uit de mouwen steken en van aanpakken weten. Hard werken. De Gentenaar al wat (veel) minder bescheiden dan de Leuvenaar, maar hard werken doen ze beiden. Voorlopig winnaars: goeduitziende en vlotte Antwerpenaars (clichématig: moet hier nog uitleg bij?). Zij: knap snoetje, gefleem en gespeelde vriendelijkheid. Bitch achter de schermen. Man het prototype van de vlotte reclamejongen/mediafiguur. Hip en trendy mét het juiste kapsel. En waarschijnlijk met de juiste kennissenkring. Maar werken, hola. Hardwerkende kok die hun restaurant mààkt. Niet openen wanneer het laat geweest is, dan zijn ze moe. Zelfs de afwezigheid van de even irritante zaalverantwoordelijke kan mevrouw zelf niet opvangen. Uitleggen en uitpraten, show verkopen. Blablabla.

Hetzelfde zag ik zeer regelmatig in mijn professioneel leven. Ik had het er reeds eerder over. Wie het goed kan uitleggen, veel “meet&greet”, veel en goed kan delegeren, zich ten gepaste tijden “onderdanig” en “flemerig” opstelt en als extra pluspunt nog jong en mooi is, maakt het, komt vooruit,wordt bejubeld. Wie met veel inzet en in stilte zijn werk uitvoert en af en toe wat onvriendelijk of nors uit de hoek komt omdat er regelmatig iets vierkant draait, moet er uit, is een stoorzender, balast. Ik ontken niet dat “het goed uitleggen”, “delegeren” “zichzelf verkopen” geen kwaliteiten zijn die je vast en zeker vooruithelpen en van pas komen – om niet te zeggen zelfs voorwaarden zijn – voor bepaalde functies. Maar het lijkt overheersend te zijn en het allerbelangrijkste in de bedrijfswereld. Dit type mens is geliefd. Succesvol.

Het is goed mogelijk dat ik wat verbitterd klink. Dat ben ik momenteel ook. Niet enkel om wat mezelf is overkomen. Gewoon, om de trend, om de mentaliteit. Wat moet je kinderen meegeven? Hoe moet ik mezelf ooit nog motiveren om een nieuwe job te zoeken? Zijn er nog werkgevers die niet enkel appreciëren wat je doet (ja, dat geloof ik wel), maar om dit te kunnen, het ook (willen) zien wat je doet en wat je waard bent?

Is de oplossing niet meer zo hard en met zoveel inzet werken dan misschien? Je niet druk maken wanneer het niet vlot loopt. Onverschillig blijven. Ja-knikken. Maar dan moet ik mezelf veranderen en dàt lijkt me nog het moeilijkste.

Hoe schrijf ik een cv? les 1

Advertenties

7 reacties

  1. Mij valt het toch op dat hoe essentiëler de sector waarin dit soort blaaskaken werkt, hoe sneller ze door de mand vallen.

  2. Je betoog klinkt niet verbitterd, maar het is misschien een beetje aangetast door een bepaalde sector: media. Misschien is een “mooi uithangbord” daar een eerste vereiste. Natuurlijk moet je in elke sector je aan de klant van je beste kant laten zien (ik ga in elk geval nooit eten bij Ghislaine van de red peper) maar ik blijf er toch van overtuigd dat na het beschikken over de vereiste vaardigheden, betrokkenheid hèt doorslaggevend kenmerk is van een goede werknemer.

  3. Manlief moet af en toe eens op zoek naar een werkkracht (arbeider, geen bediende) en vindt dat nieuwe lichtingen vaak niet meer weten/beseffen wat ‘werken’ is. Het is hen allemaal heel snel te veel. Het mag niet te veel inspanningen vergen of ze haken af. In plaats van verheugd te zijn dat ze werk vinden, zich te investeren in hun job, durven sommigen nog eisen stellen ook. Het tart bijwijlen alle verbeelding… Goede werkkrachten moet je koesteren, ze zijn zo zeldzaam.

  4. Ik werk ook in de sector waar uiterlijk vertoon en showgehalte nogal een kenmerk is. En ook ik zie dat de slijmerds, de praatvaren, de prietpraterigen en de dienaars het soms rapper maken dan anderen. Maar ik heb gelukkig al mijn ambities bijgesteld omdat ik de geweldige trots en de fijne wetenschap heb dat ik buiten mijn werk vrienden en vele talloze mooie momenten heb. De tafelspringers bij ons zijn vaak hoopjes ellende eens ze niet in professionele kring vertoeven. Soort zoekt soort daarin, soms tot mijn ongebreidelde hilariteit.

  5. Mensen stijgen door op de professionele ladder tot ze het niveau van onbekwaamheid bereikt hebben. Niets nieuws onder de zon. Paarden die de haver enzovoort. En wat de doorslag geeft, is meestal niet WAT je kent, maar WIE je kent. En vooral ook de ‘gave’ hebben om je principes in te slikken en jezelf mentaal te prostitueren.

  6. Voor een groot deel heb je absoluut gelijk..toch zie ik (gelukkig!) nog vaak hoe de stille, harde werker (vaak na het oefenen van véél geduld) plots gekozen wordt boven de brulaap (pardon) die steeds hoog oploopt met zijn massa’s visitekaartjes, contacten, enzovoort. Als werkgever zou ik zeker op dat soort mensen vallen, want kapsonelijders kan ik heel erg moeilijk verdragen. Maar knap geschreven!

  7. @Radiofonisch Instituut: in ieder geval weet ik dat je wat je doet, heel goed doet! En dat je geen kapsones hebt, zelfs een beetje te bescheiden soms…soms!


Comments RSS TrackBack Identifier URI

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s