yves rossy & david blaine

MANNEN MAKEN PLANNEN

Twee mannen kwamen twee achtereenvolgende dagen in het nieuws met twee opvallende stunts. De ene liet me koud. Bij het bericht over die andere had ik wild enthousiast voor mijn tv willen staan springen indien ik niet te lui was geweest om vanonder mijn dekentje te komen en hierdoor mede mijn kat in haar slaap te verstoren.

David Blaine hangt zestig uur ondersteboven aan een kabel in NY, Central Park. So what, ik blijf onberoerd bij dit nieuwsitem, het raakt me niet. Of ja, ik denk hooguit: ocharme die mens zijn kop en ik vraag me af hoe hij dat doet wanneer hij naar ’t wc moet. Ik zie een journaliste een interview afnemen eveneens hangend aan een kabel en ik denk: alles voor de media, onnozele trut. Dit kan best een heel bijzondere prestatie zijn, maar bij mij valt het in de categorie van mensen die zich vijftien dagen levend begraven, of proberen het Guinness book te halen door zevenhondervijfendertig hamburgers tegelijk in hun mond te proppen. Show en spektakel.

Yves Rossy, Fusion Man,  vliegt over het kanaal. Met vleugels en in tien minuten. Het was een klein berichtje in het nieuws en het ontlokte vele oh en ah’s en wows van op de bank. Even later zag ik op National Geographics de volledige reportage. De gevaren, de testen, de mislukte pogingen, de minzame Yves Rossy, de geslaagde vlucht. Betoverend, avontuurlijk, meeslepend. Geschiedenis.

Mensen en hun dromen. Allemaal doen we in de lagere school uitspraken. Ik word brandweerman. Ik ga de wereld redden. Ik ga een uitvinding doen waardoor mensen nooit meer ziek zijn. Maar wat drijft een mens om ook effectief voor die ene quasi onmogelijke droom te gaan?  “Ik wil vleugels. Ooit.” Veertig jaar later heeft hij ze. Onverstoord doorzetten. Van de ene mislukking in de andere. Proberen en nooit opgeven. Verbeteren. Een jaar werken aan een minuscuul detail. Tien millimeter maakt het verschil in slagen of mislukken. In stilte, verbeten doorgaan. Waar haal je die kracht, dat niet-aflatend enthousiasme, die wil om te slagen? Ik heb het niet en dat vind ik regelmatig zeer jammer. Ik vind het bewonderenswaardig.

Ik zat me af te vragen waarom deze twee mannen zo’n verschillende reacties uitlokken bij mij. De eerste heeft wellicht ook jaren voorbereiding achter de rug. Had ook een doel en een droom (David 6j: ik wil later ondersteboven aan een kabel hangen.) en zal daar ook wel bijzonder hard voor gewerkt hebben. Het antwoord heb ik voor een stuk gevonden: bij de eerste zag ik een man aan een kabel hangen. Punt. Bij de tweede zag ik ons binnen tien jaar allemaal met ons valiesje over het kanaal vliegen met onze eigen vleugeltjes. Ik zag een luchtruim met verkeers- en hoffelijkheidregels. Ik stelde me praktische problemen voor (waar laat ik mijn vleugeltjes, hoe fatsoeneer ik mijn kledij?). Ik zag een futuristisch filmpje van Hannah&Barbera in felle en vrolijke kleuren. Ik zag mogelijkheden. Ik dacht aan Blériot, aan hoe waanzinnig  kort de luchtvaartgeschiedenis nog maar is, ik dacht aan Icarus en Da Vinci. Aan Steve Fosset (en hoe het daar mee zou zijn). Aan Thor Heyerdahl en Fons Oerlemans zelfs. Yves Rossy spreekt tot mijn verbeelding. Dàt is het. Hij zet me zelf aan het dromen. Hij maakt me blij.

Versta me niet verkeerd, dagelijks verwezenlijken mensen individueel hun meer realistische kinderdromen.  Of spectaculairdere dromen. En anderzijds werken er dagelijks grote helden in stilte met zinvolle projecten aan een betere wereld. Ook met veel moed, volharding, doorzetting en miskenning. Ik sta er genoeg bij stil en heb er ook grote bewondering voor.  Meestal is het ontmoedigend, vechten tegen de bierkaai, een druppel op een hete plaat. Tristesse alom.  Maar avontuurlijke, fabelachtige en gekke mensen – want geef toe, maf moet je hiervoor toch wat zijn – als Yves Rossy hebben in het verleden al voor echte doorbraken en omwentelingen gezorgd.

En van die dwarsliggers, eigenzinnigaards, buitenbeentjes en mafketels in onze wereld die daarbij ook nog eens pionier zijn, ben ik helemaal weg. Wat doen David&Yves u?

Advertenties

12 reacties

  1. We verstaan je niet verkeerd, Aïda. We zien er magie in, pure magie.

  2. Ik was ook nog flink geroerd door de oudjes in ‘Man bijt hond’. Een kranige bejaarde koesterde ook nog een vliegdroom. In zijn garage knutselde hij zijn eigenste ‘vliegmachine’ in elkaar. Zijn vrouwtje stond er welwillend op te kijken, ‘nog veel werk, veel werk’ knikte ze. Toch zou hij nog graag voor de winterse kou de lucht in gaan, hij zag er nu al verkleumd uit.
    Zo wil ik ook oud worden, zei de huisman. Ik knikte welwillend. Een droom die begint met een éénwieler?

  3. En wat als er nu iemand ondersteboven het kanaal overvliegt?

    Was getekend

  4. Yves Rossy geeft je vleugels.

  5. Jawel, heel knap van Fusion man, maar ik heb nooit ‘wow’ of ‘knap zeg, je droom realiseren!’ gedacht bij de tal van filmpjes die ik eerder zag van soortgelijke dromers die zichzelf te pletter vlogen bij dezelfde droom. Toen dacht ik enkel : dommekloot.

  6. O wow, ik altijd zapnimf, maar ja, ik droom dan ook zelfs voor mezelf van een spectaculaire dood.

    En ook: in de ondertiteling van de reportage werden elke “he must be thrilled” e.d.commentaar van de verslaggervers toen bleek dat de stunt zou slagen steevast vertaald als “hij zal in de wolken zijn”! Mooi toch!

    Ondersteboven het kanaal overvliegen moet ook tof zijn. En zwemmen, zoals die Belg vorige week, ook. Maar volgens mij is dat vermoeiender.

    Dat man bijt hond stukje heb ik gemist, maar ik zie het zo al voor mij, DDN, jij en je huisman. Diep in de tachtig. Eindelijk Professor Zegellak achterna. Toch nog.

  7. Zo gek. Gisterenavond hebben we hier over dezelfde twee mannen gesproken. Met dezelfde als jouw bedenkingen.

  8. Zonder die pioniers zou de wereld stilvallen. Vreemd dat zapnimf de dromers dommekloten noemt. Ons eigen comfort steunt op zaken die ooit bedacht werden door mensen die door anderen dommekloten werden genoemd. Is het niet onze taak, als leerkrachten, dit net te stimuleren? Ik zou hopen dat al mijn leerlingen op een dag gaan vliegen. We moeten niet vergeten af en toe naar de wolken te kijken in plaats van naar ons schoolbord.

  9. Voor de betrokkene is elke gerealiseerde droom waarschijnlijk orgastisch. Voor de toekijkers helaas niet. Ik volg je droom-paragraaf perfect.

  10. Het is nog maar de vraag of we iemand die gelooft dat hij met behulp van veren en was vliegen kan ook een dromer moeten noemen en geen stommekloot. Me dunkt dat zo iemand beter wat meer naar het schoolbord had gekeken.

    Kortom, we vinden die dromen vooral mooi omdat ze geslaagd zijn en niet de vele jaren van mislukken twijfelen en voorbereiden tonen. Het spijt me maar ik hecht geen geloof aan het romantische beeld van de innovatieve denker die in weerwil van iedereen zijn droombeelden nastreeft en wonder boven wonder de maatschappij vooruit helpt.

  11. Ik denk dat we hier een aantal dromers aan het dooreenklutsen zijn.

  12. Om het met Aesop Rock (No Regrets) te zeggen:

    1 2 3
    That’s the speed of the seed
    A B C
    That’s the speed of the need
    You can dream a little dream
    Or you can live a little dream
    I’d rather live it
    Cuz dreamers always chase
    But never get it

    (maar we zijn hier inderdaad verschillende definities door elkaar aan het klutsen)


Comments RSS TrackBack Identifier URI

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s